Riaskoff Concert Management - impresariaat voor klassieke musici / artist management company representing classical musicians www.concertgebouw.nl serie Meesterpianisten 2009-2010 – 14 piano-recitals – Grote Zaal Concertgebouw Amsterdam
Jonathan Biss - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam [openingsconcert 24e seizoen]
Mitsuko Uchida - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Yevgeny Sudbin - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
David Fray - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Evgeny Koroliov - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Jean-Yves Thibaudet - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
András Schiff - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Alexander Gavrylyuk - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Grigory Sokolov - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Maria João Pires - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Radu Lupu - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Jorge Luis Prats - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Evgeny Kissin - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam
Aldo Ciccolini - piano recital - Grote Zaal, Concertgebouw Amsterdam

serie Meesterpianisten
Riaskoff Concert Management
Concertgebouwplein 15
NL-1071 LL  Amsterdam
t +31(20) 664 53 53
f +31(20) 671 51 06

 
 

"Barenboim speelt teder"

Daniel Barenboim

di 23 feb '10 Daniel Barenboim, de wereldwijd vermaarde pianist en dirigent, was vorige week in Nederland. Hij gaf twee solo-recitals in het Concertgebouw en was spreker tijdens de jaarlijkse lezing van het Nexus-instituut, waar hij het onderwerp 'The Ethics of Aesthetics' beschouwde. Zijn recital in de serie Meesterpianisten op zondag 14 februari stond geheel in het teken van de 200ste geboortejaar van Frédéric Chopin.

Voor de pauze speelde Barenboim de Variations brillantes in Bes gr.t., op. 12,de Nocturne in Des gr.t., op. 27 nr. 2 en de Sonate nr. 2 in bes kl.t., op. 35 'Marche funèbre'.

Na de pauze stonden de Barcarolle in Fis gr.t., op. 60, 3 Walsen, de Berceuse in Des gr.t., op. 57 en de Polonaise in As gr.t., op. 53 'Heroïsche' op het reguliere programma, waarna hij drie toegiften gaf, uiteraard ook van Chopin: de Etude in es kl.t., op. 10 nr. 6, de Mazurka in f kl.t., op. 7 nr. 3 en de Etude in F gr.t., op. 10 nr. 8.

Het recital van Barenboim is niet voor radio-uitzending opgenomen.

Uit de pers:
Het Parool
De Telegraaf
de Volkskrant
Trouw
NRC Handelsblad


Het Parool – dinsdag 16 februari 2010
Barenboim speelt teder

Zo laat hij dertig jaar lang zijn gezicht niet zien, zo komt hij drie keer in één week langs. Daniel Barenboim, dirigent, pianist, lijkt Nederland inmiddels in zijn hart te hebben gesloten.

Op 8 april 1972 maakte Barenboim zijn debuut als pianist in Nederland. De recensenten waren niet overmatig enthousiast en dat moet elke aandrang tot een spoedige rentree hebben getemperd. Maar je kunt het ook overdrijven. Barenboim kwam pas in 2002 weer naar het Concertgebouw, in de serie Meesterpianisten. Om een eventueel bestaand schuldgevoel af te kopen, of gewoon omdat hij het enorm naar z'n zin had, gaf hij niet minder dan elf toegiften, waardoor het op een geforceerde wijze toch een onvergetelijk recital werd. Drie jaar later kwam hij weer terug, met een volledig aan Bach gewijd programma (Wohltemperiertes Klavier I).

Deze week is hij maar liefst drie keer in Nederland. Zaterdag gaf hij aan het Nexus Instituut in Tilburg een lezing onder de titel 'The ethics of aesthetics', over de 'ware inhoud van inhoud van schoonheid', gisteren deed hij het Concertgebouw aan, opnieuw in de serie Meesterpianisten, voor het eerste deel van een programma ter ere van de tweehonderdste geboortedag van Chopin, en woensdag gaat hij daar verder. Vanavond en morgen speelt hij dezelfde noten in Salle Pleyel in Parijs. Na Amsterdam volgen München, Wenen, Boedapest, Praag, Warschau en andere Europese steden. De belangstelling voor Barenboim is groot.

De Grote Zaal puilde gisteren uit. Net als bij Pollini en eerder bij Horowitz waren op het podium een paar honderd stoelen bijgeplaatst om aan de vraag te kunnen voldoen.

Op het programma stonden behalve de 'Sonate nr. 2' – die met de dodenmars – en de 'Polonaise in As wat kleinere stukken, die samen een mooi overzicht gaven van Chopins vroege en latere werk. Barenboims opvattingen waren in alle stukken hetzelfde, wat een expressieve nivellering in de hand werkte. Dynamische contrasten werden altijd stevig aangezet, er was een voorliefde voor fluisterstille 'pianissimi', zelfs waar Chopin die niet noteerde, en een ononderdrukbare neiging de frases met veelbetekenende vertragingen uit elkaar te trekken. Curieus was met name de raadselachtige finale van de 'Sonate nr. 2', die Barenboim bewust heel wollig en omfloerst tot klinken bracht, als een mistige schimmenparade. Erg mooi was ook de uiterst teder gespeelde 'Berceuse' in Des, op. 57.

Het publiek gaf Barenboim zowel vóór als na de pauze een staande ovatie. Hij beloonde dat met drie toegiften (twee etudes en een mazurka).
(Recensent: Erik Voermans)

De Telegraaf – dinsdag 16 februari 2010
Barenboim tussen droom en daad

Muzikale ideeën:
Technische realisatie:

Daniel Barenboim is een buitengewone musicus. Hij probeert de vrede in het Midden-Oosten te bevorderen door jongeren uit Israël en Arabische landen samen te laten spelen in het West-Eastern Divan Orchestra. Daarbij is hij een geweldige dirigent die heeft gezorgd voor menige onvergetelijke avond, vooral in de opera. Bij het eerste van twee pianorecitals zat de Grote Zaal stampvol. Op de zwarte markt werden kaarten voor belachelijke bedragen aangeboden.

In de loop der jaren is Barenboims carrière als pianist enigszins op het derde plan geraakt. Dat is te horen. Zijn muzikale ideeën blijven fascineren, maar tussen droom en daad staan kennelijk de drukke bezigheden als dirigent. In het aan de tweehonderdjarige Chopin gewijde programma moest de foutcorrectie in de hersenpan van de luisteraar soms op volle toeren draaien om optimaal te kunnen genieten van de intrigerende zoektocht naar de ziel van de muziek.

Behalve de eerder grillig dan briljant gespeelde Variations brillantes opus 12 ging het om bekend repertoire. Barenboim pendelde tussen aaien en hameren, met gelukkig een voorkeur voor de eerste categorie. Alles klinkt bij hem anders dan anders. Hij zoekt en vindt verborgen tegenstemmen, hoog en laag lijken totaal verschillende instrumenten in een groot bezet orkest en hij laat linker- en rechterhand schijnbaar vrij van elkaar opereren in een extreem ’tempo rubato’, de ’gestolen tijd’ die het strakke metrum ontregelt.

Melancholiek
Vooral wanneer hij de grenzen van het pianissimo verkent, spreken de tonen incidenteel niet helemaal aan, als in een poreuze melodie die voor de oren in stukken uiteen lijkt te vallen. De Berceuse begint hij in een ambitieus tempo, dat geleidelijk afzakt en vervliegt in dromerige sferen van een onaardse schoonheid. Melancholiek en verstild klinken ook de Nocturne opus 27/2 en drie delicaat gespeelde Walsen uit opus 34 en 64.

Zodra de technische problemen in de eerste twee delen van de Tweede sonate voorbij zijn, pakt Barenboim de luisteraars met een dramatisch contrast tussen de desolate treurmars en het intens en introvert ’gezongen’ middengedeelte daarvan. Enigszins uit de hand lopen de zaken in het slot van de Barcarolle en helemaal in de ’heroïsche’ Polonaise opus 53, die ontaardt in een potje stampvoetend toetsenrammen waarbij niet altijd de juiste toets wordt geraakt.

In de laatste van drie toegiften (de Mazurka opus 7/3 en twee Etudes uit opus 10) ontpopt Barenboim zich nogmaals als olympisch kampioen misslaan. Maar hij is de eerste om duidelijk te maken dat sommige dingen in het aardse bestaan oneindig veel belangrijker zijn dan het treffen van de correcte noten.
(Recensent: Eddie Vetter)

de Volkskrant – dinsdag 16 februari 2010
Barenboim verdoezelt met lef zijn misslagen

Daniel Barenboim (1942), pianist, dirigent en muzikale bruggenbouwer in het Midden-Oosten, is wereldwijd geliefd. Geen wonder dat zijn pianorecital in de Grote Zaal al weken uitverkocht was en kaartjes voor schokkend hoge bedragen werden aangeboden via internet.

‘Dit is toch een van de beroemdste pianisten ter wereld?’, murmelde een bezoekster tijdens de pauze. Opmerkelijk dat Barenboim, anno 2010 vooral actief als dirigent in Berlijn en Milaan, in zijn carrière van ruim vijftig jaar zondag pas voor de derde te gast was in de serie Meesterpianisten. Na Mozart-Beethoven-Liszt (2002) en Bach (2005), greep de Israëliër het 200ste geboortejaar van Chopin aan om uitgebreid te toeren door Europa met zijn muziek.

Hij wist het publiek te bespelen: buigingen naar alle zaalhoeken werden gretig geslikt. De lieflijke 3 walsen en de onderhoudende Barcarolle in Fis gleden zachtjes naar binnen, net als de toegiften die de klavierleeuw overdadig als op een Suikerfeest presenteerde.

De slijmerige Nocturne in Des en poezelige Variations brillantes verhoogden het zaalsentiment. Barenboim als romantische entertainer is dus een schot in de roos. En dat op Valentijnsdag. De luisteraars namen het niet te nauw met zijn matige pianistische conditie.

In de Sonate nr. 2 ‘Marche funèbre’ ging de meesterpianist listiger te werk. Hij creëerde feeërieke momenten die botsten met aards gebonk. Het leverde de nodige dramatiek op. Pijnlijk: flinke misslagen in het tweede deel, die de pianist probeerde te verdoezelen door een langzame passage pathetisch te spelen. Een houding die getuigt van lef, maar vermoedelijk ook van weinig studietijd.

Uit de Berceuse in Des bleek duidelijk dat de rek er bij Barenboim uit is. Het werk dat hij ooit lichtvoetig en subtiel op de plaat zette, klonk nu – 37 jaar na dato – vermoeid. De publieksheld veerde op bij de Polonaise in As. De vrolijke beuk ging erin, zijn benen vlogen geregeld door de lucht en details leken er niet toe te doen. Toepasselijk gedrag in carnavalstijd.
(Recensent: Lonneke Regter)

Trouw – vrijdag 19 februari 2010
Daniel Barenboim brengt in tweeluik eerbetoon aan Chopin

Op 1 maart is het tweehonderd jaar geleden dat Frédéric Chopin werd geboren. Voorafgaand aan dit verjaarsfeest werden deze week in de Grote Zaal van het Concertgebouw twee verschillende Chopin-recitals gegeven door een- en dezelfde pianist:Daniel Barenboim. Zondag in de serie Meesterpianisten, woensdagavond in de serie Grote Solisten.

Op zich is het al een opmerkelijke prestatie om in korte tijd twee van zulke programma’s te brengen. Voor de 67-jarige Barenboim geldt dat zeker, want hij is vooral actief als dirigent. Dat roept de vraag op waar hij de tijd vandaan haalt om piano te studeren. Eén aspect van die kunst is hij zeker niet verleerd: het instrument zangerig te laten klinken. In de beeldschoon vertolkte nocturnes, in de fluwelig uitgevoerde Berceuse en de lyriek van de Barcarolle had hij een gedifferentieerd toucher. Daarin staken expressief gespeelde cantilenes fraai af tegen soms fluisterzachte begeleidingen.

Van beide recitals was dat van woensdag het meest geslaagde. Zondag liep Barenboim te vaak tegen de grenzen van zijn technische kunnen aan. Woensdag gebeurde dit sporadisch. Zondag waren de manco’s structureler. Het openingsdeel van de Sonate nr. 1 in bes klonk rommelig en diffuus. Ver onder de maat was de Polonaise in As, opus 53, het paradestuk van menige, jonge klavierleeuw. Dit stuk had Barenboim beter niet kunnen programmeren.

Woensdag hernam Barenboim zich in de fraai uitgebalanceerd gespeelde Fantasie in f. Ook het derde Scherzo en drie mazurka’s en Etudes vertolkte hij gaaf. Minder overtuigend vond ik Barenboims uitvoeringen van de Sonates 2 (zondag) en 3 (woensdag). Hierin speelde hij zo vrij – met onverwachte dynamische inhoudingen, grillige accenten en een tempo dat hij vaak sterk terugnam – dat de grote stroom in deze lange werken te zeer werd doorbroken. Zo’n grillige, op detail gerichte musiceerwijze lijkt wezensvreemd voor iemand die gewend is Beethovensymfonieën, Wagner-opera’s en andere megalithische orkestwerken te dirigeren.

Barenboim lijkt aan de piano juist te genieten van de vrijheid, die overigens niet spontaan maar volledig uitgedacht overkwam. Vaak leek het of Barenboim zo met de muziek speelt om pronkzuchtig het publiek te behagen, bijna als een entertainer. Zeker in de treurmars uit Sonate nr. 2 neigde zijn uitvoering naar sentimentaliteit en effectbejag. Daar tegenover stonden met name woensdag genoeg momenten waarop de pianist wel degelijk recht uit zijn hart musiceerde en daarbij de harten van de toehoorders wist te raken.
(Recensent: Christo Lelie)

NRC Handelsblad – maandag 15 februari 2010
Barenboim: in muziek klinkt onze ziel

Meesterpianist/dirigent Daniel Barenboim houdt Nexus-lezing en speelt Chopin-recital
Pianist Daniel Barenboim is maar zelden in Nederland te beluisteren. Dit weekend gaf hij een lezing en speelde hij in Amsterdam de eerste van twee Chopin-recitals


‘De straf voor ijdelheid is vleierij’, aldus de Duitse schrijver Wilhelm Raabe. Geïnspireerd door de pessimist Schopenhauer keerde Raabe zich tegen de waan dat de mens in staat zou zijn grote maatschappelijke plannen door te voeren. Maar dirigent/pianist/schrijver Daniel Barenboim (67) is ijdel genoeg om daar anders over te denken.

Met concerten, stichtingen en lezingen probeert hij de mensheid er van te overtuigen dat muziek essentieel is voor de maatschappij en het spirituele welzijn van de mens. Muziek, vindt hij, is in de twintigste eeuw op een zijspoor beland door de neiging alle kennis op te splitsen in specialisaties. „We moeten mensen bewust maken van de noodzaak tot muzikale educatie als organisch element van de cultuur.”

Nadat Nexus-directeur Rob Riemen hem in vleiende bewoordingen had neergezet als veel méér dan een maestro, begon Barenboim zijn lezing The Ethics of Aesthetics. Voor een humanistisch georiënteerd publiek dat nog waarde hecht aan een internationaal debat over kunstzinnige, levensbeschouwelijk en filosofische onderwerpen, stak Barenboim van wal met de oneliner: „Specialisation is knowing more and more about less and less.” Al nam de wetenschap een hoge vlucht en is internet een onuitputtelijke kennisbron voor iedereen, toch is er volgens hem sprake van kennisverarming: „In onze maatschappij is een grote scheiding ontstaan tussen artistiek en praktisch denken, zodat mensen geen idee meer hebben van de organische relatie tussen dingen. In de muziek draait alles juist om verbinding, integratie en de alomvattende samenhang tussen de kleinste delen en het grote geheel.”

Daarop ging Barenboim in op de ethiek van de musicus, die de verantwoordelijkheid op zich laadt levenslang te zoeken naar de diepste essentie van de partituur. Of het nu gaat om timing, dynamiek, spanningsopbouw, expressie, helderheid (‘transparancy with thought’, zoals muziek beluisteren ‘hearing with thought’ zou moeten zijn), musici dienen gewetensvol te zoeken naar samenhang en balans. Zoals pianist Claudio Arrau de psychiater bezocht om zich te bevrijden van ijdele behaagzucht, zo zouden musici zichzelf steeds moeten onderzoeken op waarachtigheid. Barenboim: „Muziek is veel meer dan schoonheid, ontroering en vermaak. Begrip van muziek kan levens veranderen. Muziek is een manifestatie van de menselijke ziel.”

Helaas won Barenboims ijdelheid het een dag later van zijn muzikale geweten tijdens zijn Chopin-recital in de serie Meesterpianisten, waarmee hij ook Parijs en Brussel aandoet om de 200ste geboortedag van Chopin te eren. Onmiskenbaar gezegend met grote muzikale talenten, had de drukbezette maestro eenvoudigweg te weinig gestudeerd om te overtuigen. Barenboim epateerde geraffineerd met klankpoëzie, die door te veel misslagen, lelijke fortissimo’s en onsamenhangende tempowisselingen ontaardde in kitsch. Met briljant verhulde nonchalance flodderde hij door Chopins Variations brillantes, Tweede sonate, een nocturne, berceuse, drie walsen en de ‘heroïsche’ Polonaise heen. Zo verduidelijkte hij dat overtuigen in klinkende muziek stukken nauwer luistert dan in woorden en wijsheden óver muziek.
(Recensente: Wenneke Savenije)

 
 
 

Laatste nieuws:

9 sep Kleine wijziging programma Jonathan Biss
1 jul Pianowonder haalt Schumann uit schaduw
25 jun "Von Eckardstein toont zich groot virtuoos"
20 jun "Pollini danst jong en lenig met Chopin"
21 mei Pollini: Preludes op. 28 voor Etudes op. 25
 » compleet nieuwsoverzicht
 

Zoek op componist
Ik wil naar een recital met werk van:

Bijv. Schubert of Chopin

Laatste toegiften:
zo 20 juni 2010
Arcadi Volodos »

AVRO Klassiek
Een deel van de recitals wordt door de AVRO opgenomen en uitgezonden op radio 4
Alle opgenomen recitals zijn na uitzending nog enige tijd on-line te beluisteren.

Gemeentelijk Vervoerbedrijf Amsterdam
Met uw abonnement of losse kaart voor de serie Meesterpianisten maakt u vanaf 3 uur voor aanvang van het recital gratis gebruik van bus, tram en metro van het GVB.

Volvo Cars Nederland zorgt voor het exclusieve, betrouwbare en meesterlijke vervoer van de serie Meesterpianisten
Volvo Cars Nederland zorgt voor het exclusieve, betrouwbare en meesterlijke vervoer van de serie Meesterpianisten

Vind alle programma's van de recitals in de serie Meesterpianisten op Bachtrack

www.iamsterdam.com


 

© 2003-2010 serie Meesterpianisten | Riaskoff Concert Management
Concertgebouwplein 15 – NL-1071 LL Amsterdam