BEZHOD ABDURAIMOV KWAM, ZAG EN OVERWON

BEZHOD ABDURAIMOV KWAM, ZAG EN OVERWON

abduraimov_pianowereldDoor Lucien Knoedler   8 oktober 2017  Pianowereld   

Afgelopen week maakte Bezhod Abduraimov zijn debuut bij het Koninklijk Concertgebouworkest, in het Derde pianoconcert van Rachmaninoff – onder leiding van Valery Gergiev. Superlatieven leken ook hier tekort te schieten. Zondagavond jongstleden was zijn spectaculaire debuut op ’s werelds belangrijkste pianopodium, de serie Meesterpianisten in de grote zaal van het Koninklijk Concertgebouw. Een uitroep gelijk ‘Behzod Abduraimov was hier’ wekt associaties zoals ‘hij kwam, zag en overwon.’ Dit was ook zo, een heerser van die aard is hij evenwel niet. Veeleer is hij, zo jong nog (26), een groot en genereus filosoof in het bezit van uitzonderlijk poëtische gaven. En publique leek Abduraimov aanvankelijk veeleer voor zichzelf te spelen, ernstig voorover gebogen – in zichzelf gekeerd –, om toch ongekende vergezichten, diepten en details tegelijk te ontplooien. Oprecht van teen tot kruin, in niets gespeeld of gewild. Wie hing niet dadelijk aan zijn lippen? Bij wijze van spreken.


Uitweiden over Abduraimovs waarlijk fantastische pianistiek zou een gotspe zijn. Het neemt niet weg, dat er een groot verschil te ontwaren viel tussen zijn vertolkingen vóór de pauze en die erna. Ervoor Busoni’s opvatting van Bachs Toccata en fuga, BWV 565, en de Pianosonate van Liszt, beide in sterke mate verticaal opgevat, maar hoe massief op veel momenten ook, de muziek klonk toch steeds warm en compleet van klank. Scheen de Liszt-sonate als gevolg aan verhaalkracht te ontbreken, alsof Abduraimov nog diens uitermate stoutmoedige retoriek ontbeerde, hij bood wel inzichten die je grote ogen deed opzetten. Na de pauze achtereenvolgens van Schubert Moment Musical nr. 2, de Valse caprice nr. 6 uit Liszts Soirée de Vienne en de Zesde sonate op. 82 van Prokofiev. Abduraimovs Schubert was van grote schoonheid, evenals zijn Liszt, maar Prokofievs sonate was wat mij betreft het topstuk van de avond: orkestraal en waar maar verlangd uiterst verfijnd.

 

Verkoos ik na de pauze een stoel op het balkon achterin te stelen, aangezien midden in de zaal Abduraimovs magie me over het hoofd leek te waaien, zodra de ovatie losbrak, zag ik Marco Riaskoff snellen van vooraan op het balkon naar helemaal aan de andere zijde van de zaal om daar langs de hoge lange trap op het podium neer te dalen en de bloemen in zijn armen aan Abduraimov te overhandigen. Ze omhelsden elkaar broederlijk en bestegen vervolgens samen de trap, de armen kruislings over elkaars rug. Een geijkt ritueel was dit natuurlijk niet, daar kun je Riaskoff niet op betrappen. Bovendien, spontaniteit is de vrucht van jaren ervaring.

Onwillekeurig stond me nu een voorval van 32 jaar terug voor ogen. Het speelde zich af in de winter van 1986-87, in de trein van Amsterdam naar Utrecht. Marco Riaskoff kwam de coupé ingelopen en we begroetten elkaar vluchtig. Hij leek in gedachten verzonken en wilde kennelijk op een bank verderop plaatsnemen. Na een weifeling, zo kwam me voor, keerde hij zich naar mij en zei, staande midden in het gangpad: ‘Ik ga iets beginnen waarvan ze zeggen dat het niet te doen is. Ik ga in de grote zaal van het Concertgebouw een pianoserie beginnen. Alleen pianisten.’ Sprak hij op zachte, niettemin besliste, nee, bezwerende toon; uit zijn blik sprak vermetele lust, vermengd met heilig vuur. Leidraad daarbij steeds een taoïstisch gezegde, scheen mij veel later toe: wie dient, zal groeien. Maar dan dien je wel het verlangen te bezitten je voortdurend te verdiepen. Marco Riaskoff ten voeten uit. Aldus consequent handelend, creëerde hij zijn familie, door de jaren heen almaar uitdijend en inmiddels is het 31ste seizoen van de Serie Meesterpianisten aangevangen. Zijn dankbetuiging aan Abduraimov zondagavond was volstrekt oprecht: welkom in de familie van de waarlijk groten der aarde. Vervolgens verschalkte Abduraimov de zaal met twee toegiften, twinkelingen: Bach en Schubert (Moments Musicaux nr. 3 in f, D 780). Een Boeddha gelijke wordt geboren. Abduraimov is van deze tijd zonder twijfel een van de allergrootste pianisten.

8 oktober, Het Concertgebouw Amsterdam

 

2017-10-16T10:57:19+00:00