fbpx

het seizoen 2019-2020

serie Meesterpianisten

bestel uw losse kaarten >
Recensies2019-10-09T16:50:44+01:00

Recensies 2019-2020

Nobuyuki Tsujii at the Southbank Centre: an extraordinary performance by any standards

door  Michael Church, The Independent

Nobuyuki Tsujii was born blind 30 years ago, but a phenomenal talent for music has ensured that he won every prize going in Japan before reaching his apotheosis with a joint win in the Van Cliburn competition in 2009. On the back of that, and despite his handicap, he’s built a fine career as a recording artist and – increasingly – as a recitalist. He’s given concerts in London, each time coming successfully through, but I’ve always felt the need to make some allowances. (meer…)

Behzod Abduraimov ongehoord en magisch in La Campanella van Liszt

door Wenneke Savenije, De Nieuwe Muze, 2 december 2019

In 2017 maakt de nu 29 jarige Behzod Abduraimov zijn overrompelende debuut in de Serie Meesterpianisten. Meteen werd hij omschreven als een oude ziel met een fluwelen toon, een groot pianotalent voor wie de vleugel geen geheimen kent, een unieke pianovirtuoos die ‘kwam, zag en overwon.’ Het Parool roemde Abduraimovs toucher in schilderachtige bewoordingen: ‘Wat een zoete, strelende, in het zachtste mousseline gehulde toon, die ook nog eens in diepe weemoed was gedrenkt en zong als een Russische nachtegaal die zijn moedertje mist.’ Het tweede solorecital van deze jonge hemelbestormer uit Tasjkent (Oezbekistan), die op zijn 18e de Gouden Medaille van het Von Cliburn Concours won,  kon bij voorbaat eigenlijk al bijna niet meer stuk.

Abduraimov had besloten het zichzelf niet gemakkelijk te maken: voor de pauze speelde hij de 24 Preludes opus 28 van Chopin, na de pauze Debussy’s Childrens Corner en tot besluit de Schilderijen van een tentoonstelling van Moessorgsky. Ik verheugde me vooral op Chopin, maar kwam gaandeweg tot de conclusie dat Abduraimovs fenomenale pianistiek het beste tot zijn recht kwam in Moessorgsky, met wiens verhalende muziek hij de meest natuurlijke affiniteit bleek te hebben. Vermoedelijk is hij er al van jongs af aan mee opgegroeid, want Abduraimov speelde de taferelen uit Moessorgsky’s Schilderijenparade alsof hij voorlas, of liever ‘voorzong’ uit zijn favoriete sprookjesboek.

Het was onmogelijk om niet aan zijn lippen te hangen terwijl hij uit de vleugel een compleet orkest toverde om de dwerg, de kuikentjes en Baba-Yaga in alle denkbare kleurschakeringen en dynamische sterktegradaties tot de verbeelding te laten spreken. Het klonk allemaal adembenemend spannend en schitterend van klank, of het nu de duistere tocht door de Parijse catacomben, het gekwetter van de marktvrouwen, het geruzie van de kinderen of het subtiele getik van de kuikensnaveltjes tegen de eierschalen betrof. De kleurrijke taferelen stroomden moeiteloos uit de Steinway, die voor de opmerkelijk ontspannen musicerende Abduraimov allesbehalve een moeizaam te bedwingen ‘gevaarte’ vormt. Hij ervaart de vleugel eerder als zijn beste vriend, bij wie hij zich volkomen op zijn gemak voelt, zodat er prachtige dialogen ontstaan die opdoemen, opbloeien en weer wegebben in de ruimte.

Toch was ik iets minder enthousiast over zijn instrumentaal gezien al even weergaloze vertolking van de 24 Preludes van Chopin. Abduraimovs fluwelen klank neigt naar donker-rode aardetinten, die je eerder bij Rachmaninoff dan bij Chopin zou verwachten. Het was een beetje alsof de verfijnde poëzie van de overgevoelige Chopin bedolven raakte onder een sonoor resonerende ‘roomsaus’ van gulle zangerigheid, die wel bewondering afdwong maar niet werkelijk wist te ontroeren. Hier zou wat meer overkoepelende architectuur, scherpere contrastwerking, oog voor detail en helderheid in klankkleuren en fraseringen op zijn plaats zijn geweest. Chopin klonk naar mijn smaak te rondborstig en in zekere zin te ‘gemakkelijk’.

Debussy’s Childrens Corner bevond zich precies tussen beide uitersten in. Abduraimov liet hierin meer persoonlijks horen en verleende ieder deel zijn eigen karkateristiek. Maar het was ondanks al zijn pianistisch raffinement toch niet volledig overtuigend. De sneeuwvlokjes klonken net wat te blozend en welluidend van klank om associaties met sterretjes van ijs op te roepen, terwijl het onhandige olifantje vloeiender voortbewoog dan Debussy’s partituur lijkt aan te willen geven. Het klonk allemaal prachtig, maar de lichtvoetige puurheid van de in een fantasiewereld vertoevende kinderziel bleef uit, omdat Abduraimovs gulle pianistiek in het aardse bleef hangen en voor een droomwereld de transparantie en verfijning miste.

Maar toen gebeurde er na de eerste toegift – de warmbloedig en zangerig vertolkte Lullaby van Tsjaikofski/Rachmaninoff- een wonder: Abduraimov koos La Campanella van Liszt als tweede toegift en deed daarin zulke ongehoord prachtige en geraffineerde dingen, dat hij het hele recital ook met terugwerkende kracht naar een ongekend hoog niveau trok: wie zo aristocratisch en tegelijkertijd sensueel Liszt kan spelen, zo schitterend van klank, zo elegant en vloeiend van lijn, zo joyeus en tintelend qua ‘belletjes’, is een tovenaar aan de piano.

Overweldigend recital Daniil Trifonov

door Wenneke Savenije, 6 november 2019, 

Op het podium doet hij denken aan Aleksei Karamazov, de jongste zoon uit de Gebroeders Karamazov van Dostojevski, die gelooft in waarheid, gerechtigheid en onsterfelijkheid. In het klooster wil Aleksei Gods wonderen doorgronden en zijn innerlijke krachten vertienvoudigen om de hemel op aarde te kunnen brengen. Niet dat de in Nizjni Novgorod geboren Daniil Trifonov (1991) een ‘geloofswaanzinnige’ is, maar met zijn sluike haren, baard en magere lijf heeft hij achter de vleugel wel de ascetische uitstraling van een monnik uit een Russisch klooster. (meer…)

Onnavolgbaar virtuoos pianospel van Daniil Trifonov

door Christo Lelie, 6 november 2019

Onder de vele jonge pianovirtuozen die de laatste jaren op de grote concertpodia te horen zijn, is de Rus Daniil Trifonov een van de meest opvallende verschijningen. “Wat hij met zijn handen doet is onwaarschijnlijk,” zei de grote Martha Argerich over hem. Zondag 3 november bracht Trifonov zijn publiek in de Grote Zaal van het Amsterdamse Concertgebouw in verbazing over zijn onnavolgbare virtuositeit, gecombineerd met fantasie, durf en een breed scala aan dynamische en coloristische schakeringen. De verbazing betrof stellig ook de eigenzinnige manier van presenteren van zijn programma: vrijwel alle stukken plakte hij aan elkaar, doorgaans zonder adempauzes. (meer…)

Meesterpianist Daniil Trifonov neemt de vleugel mee uit zweven

door Rahul Gandolahage, 5 november 2019, NRC 

Waar de een werd tegengehouden door zijn begeleidingsorkest, zette de ander de tijd in zijn eentje stil. Maandagavond bracht het Pittsburgh Symphony Orchestra pianist Igor Levit mee naar het Amsterdamse Concertgebouw voor een uitvoering van Rachmaninoffs Rapsodie op een thema van Paganini. Levit leed sterk onder een orkest dat in zijn begeleidingsrol nauwelijks tot leven kwam. Zeker na het eerste deel interpreteerde het gevoelig als plat. Levit werd erin meegesleurd. Alleen in twee korte solistische stukjes kreeg hij kans om zich te herpakken en te schitteren. Rustig, ingetogen, zonder haast of verplichting. Het doet hunkeren naar zijn debuut in de reeks Meesterpianisten in februari. Dan zullen we hem echt horen. Pittsburgh herpakte zich overigens met Sjostakovitsj’ Vijfde symfonie, maar toen was het voor Levit te laat. Nee, we moeten het hebben over Daniil Trifonov.

(meer…)

Trifonov is een weergaloze pianist, maar nog niet in balans

door Sandra Kooke, Trouw,  5 november 2019★★★☆☆

Sinds Daniil Trifonov in 2013 voor het eerst voet op Nederlandse ­bodem zette, hangt er een sensationeel aura om de Russische pianist heen. Trifonov veroorzaakte zoveel opwinding met zijn vurige vertolking van het Eerste Pianoconcert van Prokofjev, dat hij als 22-jarige meteen bovenop de Olympus werd geplaatst.

Zes jaar ouder en rijper, maar Trifonov is een duivelskunstenaar ­gebleven, bleek zondagavond in het Concertgebouw in Amsterdam tijdens zijn recital in de serie Meesterpianisten. Met nog altijd een surplus aan pianistisch kunnen, een vulkaan aan gevoelens en een bijzondere muzikaliteit. (meer…)